Langharige katten en wintervilt

  • 0

Langharige katten en wintervilt

Er zijn jaarlijkse perioden waarin vachten van halflang- en langhaarkatten makkelijker dan anders klitgevoeliger worden en vervilten. De grootste kans daarop is in (en tegen het einde van) de winter. Daar zijn twee belangrijke oorzaken voor aan te wijzen.

Zodra het vriest en sneeuwt heerst buiten een droge atmosfeer. Binnenshuis wordt dan volop gestookt wat een negatieve invloed heeft op de luchtvochtigheid. Vachten van zowel binnenshuis overwinterende katten als incidentele ‘wintersporters’ ondervinden daar de nadelige gevolgen van.
Een tweede aspect wordt gevormd door de conditie van de haren. In de winter is de vacht van een kat op volle sterkte; alles doet tenslotte mee om een perfecte isolatie te kunnen waarborgen. Slechts een klein deel van de haarknoppen is actief maar verder zijn de haren, van zeer diverse leeftijden, in ruste. Veel daarvan zijn oud en versleten; ze zitten hun tijd tot de voorjaarsrui uit.
Ze moeten wachten tot in het voorjaar de dagen lengen en er meer uren daglicht beschikbaar zijn. De haarknoppen zullen dan op grote schaal jong materiaal gaan ontwikkelen en stoten de oudste wolharen in enkele weken af.

We weten dat juist deze beschadigde haren erg gevoelig zijn voor klitvorming bij droge atmosfeer. Er is niet veel nodig om ze statisch te maken. Als de kat geaaid of geborsteld wordt ziet men het haar soms knetterend uitwaaieren.
De gehavende haarschubben van de oudste haren brokkelen door slijtage af waardoor een prikkeldraadeffect ontstaat; kapotte haren klampen zich eenvoudig aan elkaar vast en vormen het begin van een klit.
Een bijkomend nadeel van beschadigd haar is dat de distributie van talg niet meer optimaal is. Daardoor drogen de betreffende haren steeds verder uit en verandert een klit vanzelf in steeds compacter wordend vilt. Helaas worden daarbij ook jonge, intacte haren meedogenloos in de viltklit of -plaat getrokken.
Uiteindelijk kan zich een massief, pijnlijk viltpantser vormen waarbij het soepele kattenvel letterlijk in plooitjes ìn de klit getrokken wordt.
Het proces waarin haren uitdrogen, klitten en vervilten kan razendsnel verlopen. Uiteraard zijn er katten waarvan de vacht door louter verwaarlozing vervilt maar in de wintermaanden zijn er werkelijk vachten die daarvoor minder dan een week nodig hebben.

Niet allemaal tegelijk…
Kattentrimmers zien hun maandomzetten vooral pieken tijdens en na vorstperioden. Veel katten vertonen immers dàn ineens de winterse klitten en moeten met relatieve spoed behandeld worden om volledige vervilting te voorkomen.
Het alternatief is een preventieve ‘winterklaar’ beurt die men de katteneigenaar in de rustiger perioden kan aanbieden. Een klittencontrole en vooral uitvoerige voorlichting over hoe te handelen bij statische vachten kan een viltjasje helpen voorkomen.
Verder kan de eigenaar trachten de atmosfeer binnenshuis met verdampers, natte doeken over radiatoren of een goed luchtbevochtigingssysteem te verbeteren.

Tips voor thuis
Voel de vacht van de kat dagelijks met de vingers door en zoek naar beginnende klitjes. Peuter de geklitte sliertjes met de vingers uit elkaar. Dat kan ook met de eerste twee punten van een metalen, wijdgetande, liefst vertikaal gehouden kam. Maak geen lange ‘slagen’, houdt de kambeweging zo kort mogelijk.
Met een beetje rijstzetmeel of maïzena in de vacht glijden de twee kamtanden nog gemakkelijker door de vacht.
Beperk het kammen tot de plaats waar de klitjes zitten. Men moet zich niet laten verleiden tot het ‘even meenemen’ van de rest van de vacht.
Er komt mogelijk een moment dat er ineens heel veel oude wolharen op elkaar plakken of lijken los te laten.
Dàt is het moment dat de trimmer moet worden ingeschakeld.

Artikel met toestemming overgenomen van Jet Bijen-Veldhoen (Praktijk voor Huid en Vacht)